homepage basisopleiding TCM Deze opleiding is nog niet beschikbaar
1-jarige opleiding Chinese kruiden voor paard en hond
2-jarige opleiding TCM therapeut voor paarden
Medicinale paddestoelen voor paard en hond links contact
             

 

 

Een blaasontsteking benaderd vanuit de Chinese geneeskunde

Door: Anneke de Winne

Inleiding
Een blaasontsteking hoeft niet altijd een gevolg te zijn van een bacteriële infectie. Hoe wordt er vanuit de Chinese geneeskunde hier naar gekeken? Aan de hand van het volgende sprookje probeer ik duidelijk te maken dat er vaak meerdere disbalansen in een lichaam kunnen zijn waardoor er bijvoorbeeld blaasontsteking ontstaat. De Chinese geneeskunde kijkt naar alle symptomen en herkent er vervolgens een patroon in, “syndroom” genaamd. Het syndroom wordt dan behandeld en niet de klacht. Dit kan met zowel Chinese kruiden als Westerse kruiden.
Een blaasontsteking kan ontstaan uit verdriet, stress, verkeerde voeding, bacteriën en nog veel meer. Elk syndroom wordt anders behandeld en daarom wordt er ook beter resultaat geboekt dan wanneer je een blaasontsteking enkel en alleen ziet als een bacteriële infectie.

Het verhaal van Ezel
Er was eens….

Er was eens een ezel, Ezel genaamd. Ezel kwam uit Jeruzalem waar hij gekocht werd door een Groningse boer, boer Groningen. De boer wilde graag een echte ezel en ja, dat was Ezel. Ezel had het niet makkelijk. In Jeruzalem woonde hij in de bergen samen met zijn grote liefde. Hij was goed bevriend met alle dieren en planten om hem heen. Veel te eten was er niet, ze moesten elke dag heel ver lopen om hun buikje te kunnen vullen, maar dat gaf niets. Want ezels zijn oersterk en hebben maar weinig nodig. Op een dag werd hij gevangen genomen en naar Nederland vervoerd. Dat was bijzonder stressvol en bovendien had hij ook nog eens liefdesverdriet. Ezelin was niet meegekomen en voorgoed uit zijn leven verdwenen. Arme Ezel. Boer Groningen had ook wel een beetje medelijden met de ezel en zette hem in zijn beste weiland met lekker mals gras. Daar mocht hij van eten zoveel hij wilde. Eerst vond ezel dat wel lekker maar na een paar dagen voelde hij zich niet zo lekker. Hij moest heel vaak plassen en dat deed hem ook wel pijn. Alsof er brand in zijn buik was. De rijkeluisgrasjes waren niet blij met Ezel. Steeds die stinkende plas op hun mooie gladde huidje. Ze vonden het maar niets. Eerst waren ze mooi groen en lekker en nu werden ze geel en zagen er smakeloos uit. Ze wilden Ezel niet meer in hun weiland hebben en begonnen op hem te schelden. Ezel ging zielig in een hoekje staan. Boer Groningen werd ongerust en haalde zijn Chinese buurman erbij. Die wist heel veel van ezels en kon hem vast raad geven. Zo gezegd, zo gedaan. De Chinese buurman kwam kijken en brabbelde iets, sprong wat heen en weer en vertelde dat hij een kruidenformule wilde geven aan de ezel. “Oh ja”, zei de boer iets wantrouwend “Wat dan”? “Long dan xie gan tang” riep de Chinees (dit is een Chinese formule om hitte uit de blaas , lever en galblaas te halen). Ezel had op afstand staan luisteren. Hij kon immer alles horen met die grote oren van hem, maar dat Groningse Chinees was toch wel moeilijk te verstaan. Hij verstond Lang dom, zie dat dan. (Long dan xie gan tang) Hij dacht dat ze hem lang en dom vonden. Nu werd hij echt boos. “Ik ga weg. Hier wil ik niet langer zijn” en diezelfde nacht vertrok hij, op zoek naar vrienden die hem konden helpen. Hij sprong over de omheining en nam de boot en balkte steeds “Wie wil er mijn vriendje zijn?” Verderop hoorde hij allemaal kleine stemmetjes roepen: “Wie wil er mijn vriendje zijn”. Ezel begreep niet dat het de echo was. Hij zag allemaal brandnetels en hij dacht dat zij ook een vriendje zochten. Hij klom uit zijn boot en vertelde zijn verhaal aan de brandnetels. “Eet ons maar lekker op hoor”, zeiden ze. “We prikken wel, maar verder op is gemaaid en daar liggen we opgedroogd. Dan kan je ons goed eten en je zal zien, wij kunnen je zo goed blussen en schoonspoelen, dat het branden in je buik snel gaat verdwijnen”. Gek, met brand haal je brand weg dacht Ezel? Ezel snapte er niets van, maar was zo blij dat hij eindelijk wat fatsoenlijks te eten vond, dat hij er dankbaar van ging smullen. Hij voelde zich al iets beter en zette zijn reis voort. “Wie wil er mijn vriendje zijn” balkte hij en weer hoorde hij iemand in de verte hetzelfde roepen. Hij keek om zich heen wie dat wel zijn kon en zag in de verte iets staan. Nieuwsgierig ging hij er heen. Maar het was geen andere ezel, het was een boom. “Wie ben jij?” vroeg de ezel nieuwsgierig? “Ik ben de Witte Godin. Vrouw Berk is mijn naam. Waar kan ik je mee van dienst zijn?” vroeg ze gracieus. “Oh, ik voel me niet zo goed en moet zo vaak plassen en ik ben op zoek naar nieuwe vriendjes”. “O, maar dan kan ik je wel helpen. Je mag mijn blaadjes wel opeten. Zij zorgen ervoor dat je de kracht hebt om een nieuw leven te beginnen. Maar eerst moeten er nog oude emoties uit, je huis moet schoon zijn van binnen, zodat je weer schoon en krachtig verder kan. Ik zorg voor de wedergeboorte in jou. Ik ben heel sterk, ik kan daar groeien waar nog geen andere boom groeit, omdat ik voor nieuw begin sta. Ik....”. “Ja ja, het is al goed” onderbrak de ezel Vrouw Berk. Wedergeboorte?? Kom nou, ik heb gewoon honger en snel propte hij zijn mond weer vol. Vrouw Berk hield zich wijselijk stil. Ze kende haar krachten en liet Ezel lekker smullen van blad en bast. Hij zal het wel voelen, dacht ze bij zichzelf. Na zich vol gegeten te hebben en voelde Ezel zich weer een stukje beter. Hij bedankte vrouw Berk en vervolgde zijn reis.

Onderweg kwam hij veel paardenbloemen tegen. Omdat hij zich al iets beter voelde maakte hij gekke bokkensprongen maar hij voelde ook dat hij nog best wel boos was op boer Groningen. Die had hem tenslotte bij zijn grote liefde vandaan gehaald en door hem was hij nu helemaal alleen. Hij voelde zich geïrriteerd en gefrustreerd. “Eet ons maar op, eet ons maar op”, riepen de paardenbloemen. “Wij brengen geluk en wij zorgen dat je weer blij wordt. Bij elke uitgebloeide bloem mag je een wens doen en bij elke verse bloem wordt je lever weer blij, riepen ze vrolijk. Eet ons dan, eet ons dan”. Nou dat liet Ezel zich geen twee keer zeggen en smulde zich dik en rond van de heerlijke, bittere paardenbloemen. Bij elke pluizige bloem deed hij een wens. En ja, jullie weten vast al welke wens.

In de verte hoorde hij weer allemaal stemmetjes roepen, “wie wil er mijn vriendje zijn” en ezel keek waar de stemmetjes vandaan kwamen. Hij kwam in een veld vol mooie gele, pluimvormige bloemen te staan. “Zoeken jullie een vriendje?” vroeg Ezel? “En wie zijn jullie eigenlijk?” “Wij zijn Gulden Roede, wij zijn relatie therapeut”. “Pardon?” zei Ezel terwijl hij bijna achterover viel van verbazing. “Wij weten alles over liefdesverdriet en relatie problemen. Verdriet is vergif voor je nieren en daar kan je heel ziek van worden. Wij brengen rust en wijsheid en helpen je je emoties los te laten. Wij begrijpen jou. Wij zijn écht heel goed hoor. Iedereen kent ons en vindt ons geweldig!” Opscheppers, dacht Ezel bij zichzelf, maar ja, liefdesverdriet had hij wel. Wie weet zou dat over zijn als hij hen op zou eten en zou hij dan weten waar hij een nieuw vriendje kon vinden. Iets wantrouwend maar ook wel nieuwsgierig naar wat er zou gaan gebeuren, smulde hij van de mooie eigenwijze guldenroeden. Toen zijn buik weer vol was, vroeg hij waar hij heen moest om een nieuw vriendje te vinden. “Wel”, zeiden de guldenroeden in koor, “daar bij de rozenbottelfamilie. Die gaan zorgen dat je weer aansterkt na alles wat je beleeft hebt. Als het goed is hebben ze nu ook heel veel vitamine c in de aanbieding en daar kan je wachten op je geliefde. Daar word je mooi en sterk en wil elke ezelin wel jouw vriendinnetje zijn. De mooie rozen trekken heel veel liefdespaartjes aan”. Inmiddels was Ezel echt al veel beter geworden, hij was niet meer boos en geïrriteerd en hij had ook geen brandend gevoel meer in zijn buik. Hij voelde zich nog wel wat slapjes en vond het een goed idee om naar de rozenbottel familie te gaan. Daar zou hij niet alleen meer zijn. Hij ging dus tevreden op stap en eenmaal aangekomen bij de rozenbottel familie nam hij deel aan het familiefeest en riep nog een keertje “Wie wil er mijn vriendje zijn?”. “Ik” balkte een verlegen stemmetje verscholen achter de rozen. “Ik wil je vriendje wel zijn”. Een beeldschone ezelin kwam achter de bosjes tevoorschijn en Ezel was op slag verliefd. Ze besloten samen verder door het leven te gaan en, dank zij de westerse kruiden formule, leefden ze nog lang en gelukkig.

Terug naar de inhoudsopgave...